Geschiedenis van ’t Loo

Oorspronkelijk bestond ’t Loo uit vier buurtschappen,te weten ’t Loo (=bos),Achter de Vree (=een verhoogde wal waar vroeger kleine huisjes en plaggenhutten voorkwamen), Stuivezand (=Zandverstuiving) en de Vierschoten (=de aanwezigheid van vier schaapschoten ofwel schaapskooien).De eigenaren van deze laatstgenoemde schaapskooien waren Dries Doorneweerd Aalt Zoombelt , Aalt Hoogland en J Vosselman. De heide,het plaggenveld en de kaphagen waren gemeenschappelijk bezit .Voor het bezit van één schaap werd 25 cent belasting betaald .Voor één vracht plaggen moest het zelfde bedrag worden neergeteld.Verder was er nog een kleine buurtschap, de Bovendorper Veldbuurt genoemd.

Beroepen en namen

In deze tijd werden voornamelijk slechts enkele beroepsbezigheden uitgeoefend. Zo waren er bezembinders en werden heideboenders gemaakt. Verder waren er veel grondwerkers. De voorkomende fabrieksarbeiders waren bijvoorbeeld werkzaam in de sigarenfabriek in Kampen of de koekjes (en later confectie) fabriek in Elburg. Hiernaast werd kleine handel gedreven en werden schapen gehouden. De vrouwen gingen elke dag op zoek naar sprokkelhout voor de bereiding van de warme maaltijd en de verwarming van de huisjes. Ook werden dennenappels gezocht, de zogenaamde rötsen. De naam Zoombelt is waarschijnlijk afgeleid van de zoom (=zoom van het bos).Op de veluwe heet een klein heuveltje een belt. En zo komen we als vanzelf bij Beltgraven.

Geschiedenis van Beltgraven

De ontginnig van dit gebied was omstreeks 1900. De eerste eigenaar was mr P.A.G.van Diggelen te Hattem.Of deze de villa heeft laten bouwen, is mij niet bekend. De volgende eigenaar was de heer Bos.Van hem kocht de heer Warner,eigenaar van Verzekeringsmaatschapij Warner en van de Biezen, rond 1907 het landgoed Beltgraven. Zijn zoon, J Warner, was in dezelfde tijd eigenaar van huize Morren in Oosterwolde.Beltgraven was ongeveer vijtig hectare groot. De heer Warner zorgde voor de aanleg van een mooie tuin,een grote moestuin en een tennisbaan. Met behulp van eigen broedmachines werden in de aanwezige kippenschuren kuikens gefokt. Verder werd na verloop van tijd nog een golfterrein aangelegd. In 1932 was er op ’t Loo al elektrisch licht. Daar had uiteraard de heer Warner voor gezorgd. De villa was in deze tijd ook al voorzien van gas en waterleiding.De familie Warner woonde van half Mei tot half September op Beltgraven. Het landgoed en huis werden verder het hele jaar door verzorgd door de familie Bovendorp. Deze woonden in een boerderijtje op het terrein. De heer Bovendorp verdiende in de jaren 1920-1935 twaalfhonderd gulden per jaar,in die tijd een flink salaris. In het begin van de jaren vijftig is Beltgraven verkocht aan een scheepvaartonderneming in Amsterdam. Het werd toen een vakantie-oord en dit heeft tot ongeveer 1985 geduurd. De toegangsweg naar Beltgraven heete vroeger de Kampweg. Men kon daarvandaan dwars door het schietkamp naar Epe fietsen. Er waren vroeger in de buurt van ’t Loo ook vennetjes,ontstaan door ijzeroer. Het regenwater bleef dan staan door de verharde bodem.

Bron

2 gedachten over “Geschiedenis van ’t Loo”

  1. Fantastische info ik zoek er al langer naar omdat we films maken voor de locale omroep loco over de kernen van Oldebroek.
    Is er iemand die dit voor de camera kan vertellen?
    Dat zou geweldig zijn. Hoor graag van jullie. Groet. Henk Tabois, Loco TV

    Beantwoorden
  2. Hallo, gaat dit ook over het het Landal park ’t Loo? Ben benieuwd naar de voorgeschiedenis van dit park. Is daar info over te krijgen? Dank in ‘ t voor , Hessel Fluitman

    Beantwoorden

Plaats een reactie